9 mei 2018

Hermelijnvlinder


Terug



Door: Nick Peeters >>>
Foto: Nick Peeters

Donderdag 3 mei beloofde een stralende dag te worden dus besloot ik om lekker op tijd in Meijendel te willen zijn. Zo gezegd, zo gedaan. Rond half 8 ’s ochtends kwam ik aan bij de Libellenvallei, een fraaie plek in het ‘open duin’. In kader van het 5000-soortenjaar in Nationaal Park Hollandse Duinen ging ik op zoek naar leuke waarnemingen, met de nadruk op nachtvlinders.

Zoals wel vaker begon ik mijn dag met het afzoeken van houten palen, in de hoop op rustende of vers uit de pop gekropen nachtvlinders. Al vrij snel viel mijn oog op een witte prop aan de zijkant van een paaltje. Het bleek een Hermelijnvlinder, nee, het waren zelfs twee Hermelijnvlinders! Een mannetje en een vrouwtje in copula om precies te zijn! Wat gaaf om hier de dag mee te beginnen!

De hermelijnvlinder in het algemeen
De hermelijnvlinder (Cerura vinula) is een vrij grote nachtvlindersoort (voorvleugellengte van 29-38mm) uit de familie van de tandvlinders (Notodontidae) en komt voornamelijk voor in de kustprovincies, met nadruk op de kuststrook. Hier is de vlinder tussen begin april en half augustus te vinden als imago (‘volwassen’ vlinder).

De soort komt ’s nachts op licht af en is op deze manier te lokken. Een andere manier om deze soort te vinden is door overdag bomen en houten paaltjes af te zoeken om rustende imago’s te vinden.  Hermelijnvlinders hebben per jaar één generatie, wat inhoudt dat de soort maar één levenscyclus per jaar doorgaat.

Nadat er is gepaard, zetten hermelijnvlinders hun eieren af op wilg en (ratel)populier, dit is dan ook de (waard)plant waar de rupsen van leven. De rupsen van de hermelijnvlinder zijn te vinden vanaf ongeveer juni tot september en zijn ook zeer de moeite waard om te zoeken: een grote, groene, dikke rups met een enorme kop en twee lange ‘staarten’.

Wanneer de rups volgroeid is en zijn laatste vervelling heeft doorstaan, gaat deze opzoek naar een plek om te verpoppen. Dit zijn vaak boomstammen of houten palen. Hier spint de rups een cocon welke verstevigd wordt met door de rups fijngekauwd hout. Vervolgens overwintert de pop om het volgende voorjaar weer een nieuwe generatie te starten.

Waarom zo leuk?
Wat deze soort zo leuk maakt, is dat ze als imago ontzettend donzig zijn. Zowel de poten als de kop en het borststuk zijn uitgedost met lange ‘haren’ wat zorgt voor een pluizig uiterlijk. Combineer dit met een wit-glanzende grondkleur met daarop golvende zwarte lijnen en een aantal goudachtige strepen en je hebt misschien wel een van de gaafste nachtvlindersoorten van Nederland!