15 oktober 2018

Groene boogbladroller, ge(s)pot!


Terug



door Luuk Punt >>

In het kader van het 5000-soorten-jaar heeft de nachtvlinderwerkgroep (KNNV afdeling Den Haag) dit jaar vergunning om in Nationaal Park Hollandse Duinen te nachtvlinderen. Dat gaf ons de mogelijkheid om met licht en smeer op plekken te vlinderen waar we in de jaren hiervoor niet terecht konden, maar waar we wel eens likkebaardend naar keken en over dagdroomden. Zo opperden we ook de mogelijkheid om eens in de Pan van Persijn bij Katwijk met een opstelling te gaan staan. Dit gebied hoort wel bij het Nationaal Park, maar valt niet onder de vergunning van SBB en Dunea. Omdat we ons niet voor één gat laten vangen legde Luuk Punt in april contact met de boswachter Henk Haasnoot. Laatstgenoemde gaf na uitleg waarom het ging direct toestemming. Top! Heel druk met het nachtvlinderen in Meijendel en omstreken kwam het er tot woensdag 10 oktober jl. niet van in de Pan van Persijn, onder de Katwijkers beter bekend staand als het Panbos, te gaan staan.

De avond zelf

Terwijl Nick Peeters, Erik Verlind en ondergetekende de lichtopstelling installeren, zet August van Rijn met behulp van een plantenspuit met daarin een mengsel van anderhalve liter rode wijn en een pak kristalsuiker een flinke smeerronde uit. Nadat alles is geïnstalleerd drinken we, in afwachting van wat de avond ons zal brengen, een flinke bak sterke koffie en worden we door Chris van Heerden, die inmiddels is aangesloten, getrakteerd op een overheerlijke biologische stroopwafel.

Inmiddels is het bijna donker en werd het tijd om een eerste smeerronde te lopen. Erik zal het laken bewaken; August, Chris, Nick en ondergetekende lopen vol goede moed de smeerronde. Augusts recept blijkt weer eens goed te werken, want het miegelt werkelijk van de nachtvlinders. De bulk bestaat zoals te verwachten is in deze tijd van het jaar uit bosbesuilen. Daarnaast noteren we soorten als: bruine herfstuil, zwartstipvlinder, (schijn)piramidevlinders, grote wintervlinder, roodachtige herfstuil, roodkopwinteruil, wachtervlinder, populierengouduil, witstipgrasuil, geelbruine herfstuil. Om tien voor half negen merkt August dat zijn telefoon gloeiend heet is: Erik heeft hem al diverse malen geprobeerd te bellen. Er moest dus iets bijzonders zijn gebeurd! “Je had me gebeld, Erik? Wat zeg je? Een GROENE BOOGBLADROLLER?!! ECHT?! GEPOT!?”

Enkele minuten later staan we naast een breed glunderende Erik en de inmiddels aangesloten Bas van der Burg naar een schitterende groene boogbladroller te kijken. Het potje waarin deze zit, gaat alsof er iets delicaats in zit voorzichtig van hand tot hand tussen de verrukt kijkende nachtvlinderaars. De rust van het anders op dit tijdstip zo stille Panbos wordt verscheurd door vreugdekreten en felicitaties. Wat een knaller en wat een prachtig beest! Een nieuwe soort voor ons alle zes, een nieuwe soort voor Zuid-Holland en daarmee ook voor het Nationaal Park Hollandse Duinen.

Groene boogbladroller (foto Luuk Punt)

Door het plastic van het – gelukkig vrij nieuwe – potje worden de eerste bewijsplaatjes gemaakt en gedeeld in nachtvlinder-app-groep en op Facebook.

Als ik opnieuw een “rondje smeer doe” hoor ik de vreugdekreten van Merijn Loeve. Geweldig om te zien (horen) dat zo’n klein nachtvlindertje zo veel los kan maken bij mensen.

Groene boogbladroller (foto Luuk Punt)

Tegen het eind van de nachtvlindersessie lijkt de groene boogbladroller wat rustiger te worden en besluiten we deze op het doek te zetten teneinde wat betere foto’s te kunnen maken. Veel tijd wordt ons echter niet gegund, want na een korte rustpauze, gaat het prachtig gekleurde en getekende bladrollertje al snel aan de wandel en vliegt vervolgens op om tussen de kronen van de oude eiken in het donker te verdwijnen.